Ga naar de inhoud

Inzetbaarheidsprofiel versus FML versus BAR: wat gebruikt de bedrijfsarts?

Waarom de NVAB het inzetbaarheidsprofiel (IZP) adviseert boven de FML voor bedrijfsartsen, wat de zes rubrieken inhouden, en hoe de BAR zich daartoe verhoudt.

IBA RedactieKennisredactie bedrijfsgeneeskunde

8 min leestijd

In het kort

  • De FML (Functionele Mogelijkhedenlijst) is een UWV/CBBS-instrument voor de verzekeringsarts, niet voor de bedrijfsarts.
  • De NVAB adviseert bedrijfsartsen het inzetbaarheidsprofiel (IZP) te gebruiken, ontwikkeld door SZW, UWV, arbodiensten en bedrijfsartsen samen.
  • Het IZP kent zes rubrieken: persoonlijk functioneren, sociaal functioneren, aanpassing aan de fysieke omgeving, dynamische handelingen, statische houdingen en werktijden.
  • Elk item in het IZP is dichotoom (normaalwaarde, beperkt of sterk beperkt) met een korte toelichting — geen medische onderbouwing die richting diagnose wijst.
  • De BAR (Belastbaarheid Arbeid Rapportage) is een ander format met eenzelfde functioneel uitgangspunt; sommige arbodiensten werken met een IZP-naar-BAR-vertaling.

Waarom deze verwarring blijft terugkomen

Nieuwe bedrijfsartsen, arbeidsdeskundigen en zelfs ervaren HR-professionals lopen geregeld tegen dezelfde vraag aan: "welk formulier moet ik hier gebruiken?" Dat is geen teken van onkunde, maar een logisch gevolg van drie instrumenten die extern sterk op elkaar lijken — allemaal rubrieksgewijze beoordelingen van belastbaarheid — terwijl ze intern voor verschillende doelgroepen en processen zijn gebouwd. Dit artikel zet het onderscheid op een rij, zodat de keuze voor het IZP als uitgangsinstrument voor de bedrijfsarts geen kwestie van gewoonte is, maar van begrip.

Drie instrumenten, drie doelen

Verwarring tussen FML, IZP en BAR komt vaak voort uit het feit dat ze qua vorm op elkaar lijken: allemaal lijsten met functionele rubrieken, allemaal bedoeld om belastbaarheid in kaart te brengen. Het verschil zit in wie ze gebruikt en waarvoor.

De FML hoort bij de verzekeringsarts van UWV en wordt ingevuld binnen het CBBS (Claimbeoordelings- en Borgingssysteem), gebruikt bij de WIA-claimbeoordeling. Het is niet ontworpen voor het dagelijkse werk van de bedrijfsarts, en de NVAB adviseert bedrijfsartsen dit instrument niet zelf te gebruiken.

Het inzetbaarheidsprofiel (IZP) is juist wél voor de bedrijfsarts ontwikkeld, in een samenwerking tussen SZW, UWV, arbodiensten en bedrijfsartsen (de zogeheten Paradigmagroep). Het kent dezelfde soort rubrieken als de FML, maar is losgekoppeld van het UWV-claimsysteem en is opgezet om in de dagelijkse praktijk van het spreekuur bruikbaar te zijn.

De BAR (Belastbaarheid Arbeid Rapportage) is een derde, functioneel vergelijkbaar format dat door een deel van de arbodiensten wordt gebruikt, vaak vanuit historische softwarekeuzes.

De zes rubrieken van het IZP

Rubriek Waar het over gaat
Persoonlijk functioneren Concentratie, geheugen, omgaan met tijdsdruk en zelfstandig handelen
Sociaal functioneren Samenwerken, omgaan met conflicten, klantcontact
Aanpassing aan de fysieke omgeving Blootstelling aan lawaai, trillingen, temperatuur, stof
Dynamische handelingen Tillen, dragen, reiken, duwen en trekken
Statische houdingen Langdurig zitten, staan, gebogen of geknield werken
Werktijden Beschikbaarheid, ploegendienst, reistijd, aantal uur per dag

Elk item binnen een rubriek wordt beoordeeld als normaalwaarde, beperkt of sterk beperkt, met een korte toelichting die functioneel blijft — dus zonder onderliggende diagnose. Dat dichotome karakter (wel of geen beperking, in plaats van een uitgebreide medische beschrijving) is precies wat het instrument bruikbaar maakt voor gebruik buiten het medisch dossier: het dwingt tot een vertaalslag naar arbeid, niet naar ziekte.

Waarom er twee instrumenten naast elkaar ontstonden

Het onderscheid tussen FML en IZP is geen toeval van naamgeving, maar het resultaat van twee verschillende ontstaansgeschiedenissen. De FML groeide uit het claimbeoordelingssysteem van UWV: een instrument gebouwd om, jaren na een eerste ziekmelding, een arbeidsongeschiktheidsclaim consistent en toetsbaar te kunnen beoordelen binnen het CBBS. Het IZP ontstond juist vanuit de dagelijkse praktijk van arbodiensten en bedrijfsartsen, in de Paradigmagroep waarin SZW, UWV, arbodiensten en bedrijfsartsen gezamenlijk optrokken: het instrument moest bruikbaar zijn tijdens een regulier spreekuur, niet pas jaren later bij een claimbeoordeling. Dat verschil in doel verklaart waarom het IZP losstaat van het CBBS en waarom bedrijfsartsen niet worden verondersteld de FML zelf in te vullen.

Veelgemaakte fouten bij het invullen van het IZP

  • Te veel medische taal in de toelichting. Het dichotome oordeel (beperkt / niet beperkt) is op zichzelf functioneel, maar de toelichting eronder is waar een diagnose ongemerkt binnensluipt — bijvoorbeeld "beperkt door reumatische klachten" in plaats van "beperkt bij fijne motoriek en langdurig typen".
  • Rubrieken overslaan die niet evident lijken. Werktijden en de fysieke omgeving worden vaker vergeten dan persoonlijk en sociaal functioneren, terwijl ze net zo bepalend zijn voor een passend werkhervattingsadvies.
  • Het IZP los laten staan van de probleemanalyse. Wanneer beide documenten onafhankelijk van elkaar worden ingevuld, ontstaat het risico dat de formuleringen uiteenlopen — met als gevolg een dossier dat bij nadere lezing tegenstrijdig oogt.

Hoe je van IZP naar BAR vertaalt

Voor arbodiensten die met BAR-gebaseerde systemen werken, is het IZP niet zomaar één op één over te zetten: de rubricering verschilt, ook al is het functionele uitgangspunt gelijk. In de praktijk betekent dit dat elk IZP-item wordt toegewezen aan de dichtstbijzijnde BAR-categorie, met behoud van de dichotome beoordeling en zonder de onderliggende toelichting te verliezen. Een handmatige vertaling is foutgevoelig en tijdrovend — precies het soort herhaald werk dat de administratieve last van de bedrijfsarts vergroot zonder de zorg voor de werknemer te verbeteren.

Waarom dit onderscheid ertoe doet

Een bedrijfsarts die per ongeluk FML-achtige, medisch-geformuleerde rubrieken invult — bijvoorbeeld "beperkt door chronische vermoeidheid bij fibromyalgie" in plaats van "beperkt bij langdurig volhouden van fysieke inspanning" — loopt tegen hetzelfde risico aan als bij de terugkoppeling: het document bevat dan feitelijk diagnostische informatie die niet zomaar gedeeld mag worden. Zie wat mag de bedrijfsarts terugkoppelen aan de werkgever voor diezelfde grens toegepast op de terugkoppeling.

Het IZP zelf gaat, ook in correct ingevulde vorm, niet zomaar naar de werkgever: de bedrijfsarts stelt op basis van het IZP een aparte, kortere terugkoppeling op. Het IZP blijft instrument voor de eigen onderbouwing en voor het gesprek met de werknemer.

Hoe het IZP de probleemanalyse voedt

In de praktijk vult de bedrijfsarts het IZP tijdens of direct na het consult in, en gebruikt dat als basis voor de probleemanalyse (zie probleemanalyse schrijven: structuur en voorbeeld): de beperkingen en mogelijkheden uit het IZP worden herschreven tot de functionele beperkingen-paragraaf van de probleemanalyse. Zonder een gestructureerd IZP moet die vertaalslag elke keer opnieuw vanuit consultaantekeningen worden gemaakt.

Het IZP in het gesprek met de werknemer

Het IZP heeft naast de administratieve functie ook een gespreksfunctie: de zes rubrieken geven de bedrijfsarts een vaste structuur om met de werknemer door te lopen wat er wel en niet mogelijk is, zonder dat het gesprek blijft hangen bij de aandoening zelf. Voor werknemers die moeite hebben om hun eigen beperkingen los te zien van hun ziektebeeld — een veelvoorkomend patroon bij psychische klachten — werkt de dichotome, functionele indeling van het IZP verhelderend: het maakt concreet bespreekbaar wat de volgende stap richting werk zou kunnen zijn, los van de vraag hoe lang het herstel nog duurt.

Waarom consistentie tussen IZP-versies belangrijk is

Bij een langduriger traject wordt het IZP meerdere keren bijgewerkt. Elke nieuwe versie zou de vorige als uitgangspunt moeten nemen, met expliciete markering van wat is veranderd — dezelfde discipline als bij een bijstelling probleemanalyse (zie probleemanalyse schrijven: structuur en voorbeeld). Een IZP dat bij elke evaluatie opnieuw vanaf nul wordt ingevuld, zonder vergelijking met eerdere versies, maakt het voor de werkgever en voor UWV onnodig lastig om de daadwerkelijke voortgang van de belastbaarheid te volgen — terwijl juist die trend, meer dan een momentopname, het meest zegt over het herstel.

Hoe IBA hierbij helpt

IBA vult de zes IZP-rubrieken voor op basis van het spreekuurverslag; de bedrijfsarts controleert, past aan waar nodig en ondertekent. Vanuit het IZP genereert IBA vervolgens automatisch de functionele paragrafen voor de probleemanalyse en de terugkoppeling, met de AVG-firewall als laatste controle voordat iets de deur uit gaat. IBA levert bewust geen FML — dat is geen instrument voor de bedrijfsarts — maar kan wel een IZP-naar-BAR-compatibele weergave exporteren voor arbodiensten die met BAR-gebaseerde systemen werken. Zie het inzetbaarheidsprofiel in IBA.

Bij dit artikel

Veelgestelde vragen

De FML is als instrument voorbehouden aan de verzekeringsarts binnen het CBBS-systeem van UWV. Bedrijfsartsen gebruiken in plaats daarvan het inzetbaarheidsprofiel, dat dezelfde soort rubrieken kent maar los staat van het UWV-claimbeoordelingssysteem.